Race-familie De Buck: “Zolang we maar blijven genieten”

De grand prix race van Zevenhuizen afgelopen Hemelvaartsdag was een groot succes voor de Nieuwerkerkse familie De Buck. John de Buck was de winnaar van de stockcar F1, zijn dochter Charlotte de Buck was vierde bij de stockcar F2, zijn broer Remco de Buck was niet gefinisht, en zijn vader Joop? Die was trots. 

Het is een broeierige zaterdagmiddag in Zevenhuizen. Het rolluik van de loods staat open om nog iets van frisse lucht binnen te krijgen. Achterin staan Remco en Joop samen te sleutelen aan een gehavende stockcar. John kijkt ,al leunend tegen de bar, naar het werk terwijl zijn dochter Charlotte op haar telefoon scrollt. Voor de familie De Buck een gemiddelde zaterdag.

“Uit de hand gelopen”

“Tegenwoordig zijn wij hier niet meer zo veel als vroeger”, vertelt John. “In de loop der jaren hebben we namelijk geleerd dat je af en toe wat tijd voor jezelf moet houden.” Remco valt zijn broer bij. “Maar evengoed is het een uit de hand gelopen hobby.”

De hobby begon bijna dertig jaar geleden. Vader Joop was de ontsteker. “John en ik werkten destijds bij vaders op zaterdag om wat zakgeld te verdienen”, blikt Remco terug. “Op een gegeven moment stuurde hij ons om 06.00 uur ons bed uit om te gaan zagen.” 

Veel ervaring met het bouwen van Stockcars had de familie toen niet. “Ik zei: “ga maar verzinnen hoe je zo’n ding moet bouwen””, lacht Joop. Bij een vriend in Zevenhuizen konden de broers de kunst afkijken. “We hebben daar wat dingetjes opgemeten en een beetje advies gekregen en zo zijn we begonnen met het bouwen van een stockcar”, kijkt Remco terug.

Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Remco sleutelt aan een stockcar. (Foto: John de Buck)
“Dat doe ik wel even”

Sindsdien is het bloed van de familie De Buck verdund met benzine. Ook Charlotte, de jongste telg, is besmet met het race virus. “Ze kan niet wachten om het stoeltje in de F1 van haar vader over te nemen”, lacht John. “Voorlopig heb ik er zelf nog veel te veel zin in.” Charlotte kijkt haar vader met een schuin oog vuil aan. 

“Het zou mooi zijn als ik later dan meer prijzen heb gewonnen dan jij”, reageert Charlotte. Iets wat moeilijker blijkt dan ze voorheen dacht. “In het begin dacht ik ‘dat doe ik wel even’, maar dat was zeker niet zo.” De kennismaking met de realiteit heeft haar ambities niet verwoest. “Ik wil gewoon mee kunnen met de top en winnen.”

Met haar vader heeft ze daarvoor een basis om op terug te vallen. “Ik zou het rijden opgeven als dat betekent dat Charlotte wereldkampioen zou worden”, geeft John toe. Om daar direct achteraan toe te voegen: “Ik ga het zelf toch niet meer halen.” 

Tekst gaat verder onder de afbeelding.
John en Charlotte de Buck vielen bij de race in Zevenhuizen in de prijzen. (Foto: De Buck Racing)
“Gezonde broeder rivaliteit”

De stelling: je mag nooit meer racen, maar je broer wint alle wedstrijden waar hij aan meedoet, zorgt voor weinig spanning. Beide broers kiezen ervoor om hun broer te laten winnen. “We hebben beiden wel eens langs de kant gestaan met fysieke klachten”, vertelt Remco. “Je geniet dan alsnog als je broer rijdt en wanneer hij wint.” 

Dat is niet altijd zo geweest. “Het heeft een aantal jaar geduurd voordat Rem en ik samen op een baan konden rijden zonder elkaar te raken”, vertelt John. Remco valt zijn broer bij. “Dat was gewoon een gezonde broeder rivaliteit.” 

Vader Joop heeft nog genoeg herinneringen aan de kleine ruzies en opstootjes. “Ik heb meer dan eens gezegd dat als ze elkaar nog één keer van de baan rijden, ze ermee moeten stoppen.” Achteraf hadden de broers daar niet bang voor hoeven te zijn. “Het waren allemaal loze dreigementen,” geeft Joop toe. 

Tekst gaat verder onder de afbeelding.
De Buck in actie. (Foto: John de Buck)
“Mijn prijs telt wel”

Wanneer het onderwerp van prijzen ter sprake komt, pakt Charlotte haar telefoon erbij. Vader Joop gaat wat achterover zitten en slaat zijn armen over elkaar om te luisteren naar zijn zonen. Die zijn net weer in een discussie gekomen over de prijs van Zevenhuizen. “Die van mij telt wel”, pest John Remco. 

Remco had de prijs al eerder gewonnen, maar door omstandigheden werd destijds de finale verdeeld in twee races. “Dus eigenlijk heeft hij hem samen met iemand gewonnen en dat telt niet.” Het is een heikel punt. Doordat de familie uit Nieuwerkerk komt, voelt Zevenhuizen als de belangrijkste race. 

Ondanks dat het winnen van de thuisrace voor John een hoogtepunt is, is het niet hét hoogtepunt. “Qua beleving was dat absoluut het Wereldkampioenschap”, glundert John. Voor Remco was het een race in het Engelse Coventry. “Ik reed daar als enige Nederlander dus ik werd elke keer gematst”, lacht Remco uit. Charlotte blijft politiek correct. “Alle crossjes die ik gereden heb, waren gewoon wel leuk.”

Tekst gaat verder onder de afbeelding.
Een baan waarop geracet kan worden. (Foto: John de Buck)
“Met tien mannen staan janken”

Niet alles is altijd even leuk geweest voor de familie De Buck. “We hebben in 2007 met tien man vijftien maanden aan een bus gewerkt om naar de wedstrijden te kunnen gaan”, vertelt John. “Na zes maanden is de bus toen in brand gestoken. Die avond hebben we met zijn allen staan janken.” 

Het was niet de laatste keer dat een brand roet in het eten gooide voor de familie. “In 2011 is onze loods uitgebrand”, vertelt Joop verdrietig. “We zijn toen bijna 99 procent van onze cross-spullen kwijt geraakt.” De familie heeft toen goed nagedacht of ze het nog wel wilde. “Toen hebben we besloten: ‘zolang we er van kunnen genieten, gaan we er mee door’”, vult John aan.

Sindsdien rijdt de familie minder wedstrijden. “We kunnen het ons niet veroorloven om dertig wedstrijden te rijden”, verzucht Remco. “We proberen dus maar de mooiste wedstrijden mee te pakken.” 

Tekst gaat verder onder de afbeelding.
De loods was volledig afgebrand. (Foto: John de Buck)
“Niet per se de sport”

Inmiddels heeft de familie onderdak gevonden in een andere loods aan de rand van Zevenhuizen. Aan de muren hangen foto’s uit het verleden. Van John die een beker omhoog houdt, van een bus met daarachter de stockcar van Remco en van de gehele familie vies van de modder. 

Door het hele gesprek is het duidelijk hoe goed de banden binnen de familie zijn. Niet alle grapjes, anekdotes en liefdevolle opmerkingen kunnen in het artikel. De branden, de overwinningen en de blessures hebben bijgedragen aan deze familieband. “Maar ik denk niet dat het per se deze sport is”, vertelt John. “Als je als familie een sport beoefent, wordt de onderlinge band vanzelf sterker.” Bij die woorden knikt vader Joop, heft Remco het glas en rolt Charlotte met haar ogen.

Lees verder over dit onderwerp

Laatste nieuws

Meest gelezen