Tekort aan boa’s blijft problematisch: “Minder bezetting betekent dat er minder kan worden opgepakt”

Veel gemeenten kampen nog altijd met een tekort aan boa’s. Dit leidt tot minder toezicht op straat, controles die niet doorgaan, en meldingen die langer blijven liggen. Deze conclusies trekt Rijnmond na een rondvraag langs verschillende gemeenten.

Rijnmond heeft samen met meerdere streekomroepen een rondvraag gedaan bij 23 gemeenten, waaronder Capelle- en Krimpen aan den IJssel. Uit de vragen blijkt dat meerdere gemeenten moeite hebben om voldoende boa’s (buitengewoon opsporingsambtenaren) in dienst te krijgen. Dit heeft gevolgen voor het toezicht en de handhaving. Ook bestaan er grote verschillen in wat boa’s mogen tussen verschillende gemeenten.

De gemeente Capelle aan den IJssel is een gemeente die onvoldoende boa’s in dienst heeft. De gemeente laat weten dat er momenteel vijftien van de twintig fte voor boa’s in de openbare ruimte zijn ingevuld.

Dat tekort heeft gevolgen. “Zodra de bezetting afneemt, heeft dat impact op de diensten die wel of niet gedraaid kunnen worden”, laat de gemeente weten. Dit betekent bijvoorbeeld dat er momenteel geen zondagsdiensten gedraaid worden. “Minder bezetting betekent dat er minder kan worden opgepakt. Onze hoogste prioriteit blijft altijd het behandelen van meldingen.” Als oplossing probeert Capelle de huidige boa’s te ontlasten en meer toezichthouders aan te nemen.

Tegelijkertijd zijn er ook gemeenten die geen tekort hebben. Krimpen aan den IJssel is één van die gemeenten. Daar zijn zes fte’s volledig ingevuld, waardoor al het werk op tijd kan worden opgepakt.

Geen eenduidig beleid

Uit onderzoek blijkt ook dat er verschillen zitten tussen de boa’s per gemeente. Een deel is landelijk beleid, maar gemeenten maken als werkgever ook eigen keuzes. Dit zorgt voor een verschil in bijvoorbeeld uitrusting, maar ook beleid rondom het doen van aangiftes na (fysiek of verbaal) geweld en bedreigingen.

Boa’s in Capelle aan den IJssel en Krimpen aan den IJssel zijn bijvoorbeeld uitgerust met bodycam’s, maar dit is niet vanzelfsprekend. Beide gemeenten hebben hier wél voor gekozen, uit oogpunt voor de-escalatie en veiligheid. In Capelle aan den IJssel werd een proef gedraaid met een wapenstok, maar een aanvraag voor de invoer hiervan is afgewezen. Beide gemeenten geven aan in de toekomst een aanvraag tot uitbreiding van geweldsmiddelen voor de boa’s te overwegen.

Richard Gerrits van de boa-vakbond meent dat er een landelijk registratiesysteem zou moeten komen: “Het is een grote chaos, gemeenten krijgen het niet voor elkaar om op één manier meldingen te registreren.” Naast een registratiesysteem, pleit hij voor een gezamenlijke ondergrens: “Dat zou beleid moeten zijn: dit is de ondergrens, dan gaan we aangifte doen.”

Politieke samenstelling speelt belangrijke rol

Er zijn dus lokale verschillen in hoeveel boa’s een gemeente nodig vindt, welke taken prioriteit krijgen en met welke middelen handhavers de straat op gaan. Volgens Richard Gerrits van Vakbond BOA ACP speelt de politieke samenstelling van een gemeentebestuur daarbij een belangrijke rol: “Een rechts georiënteerde coalitie zet vaak in op handhaving, bij een linkse coalitie komt dat vaak niet in de top 3 van de prioriteiten voor.”

Hij benoemt Capelle aan den IJssel overigens als gemeente die wat hem betreft in de landelijke top 5 staat als het gaat om beleid rond boa’s. “Hoe ze het georganiseerd hebben, de zorg voor de mensen, opleidingen, een goed registratiesysteem, proberen geweldmiddelen te krijgen.” Andere gemeenten uit de Rotterdamse regio komen niet in de top 5 van de boa-vakbond voor.


Dit is een artikel van Bureau Lokaal, een samenwerking tussen deze streekomroep, Rijnmond en andere streekomroepen in de regio.

Lees verder over dit onderwerp

Laatste nieuws

Meest gelezen